Logo mooiboxtel.nl
Kapelaan Geoffrey, in de studeerkamer van zijn bescheiden woonruimte in de parochie op Duinendaal in Boxtel. (Foto: Sander van Kasteren)   | Fotonummer: 583faf
Kapelaan Geoffrey, in de studeerkamer van zijn bescheiden woonruimte in de parochie op Duinendaal in Boxtel. (Foto: Sander van Kasteren)
Human Interest

Kapelaan Geoffrey is er voor iedereen

  Human Interest

Boxtel – Ruim drie jaar is kapelaan Geoffrey de Jong (37) nu actief binnen de Heilig Hartparochie. Hij wordt door de gemeenschap op handen gedragen en vertolkt volgens velen een nieuw gezicht van de katholieke kerk. DeMooiBoxtelKrant ging bij hem op bezoek om te achterhalen wat de kapelaan drijft.

Hij werd geboren in 1980, in de Zuid-Afrikaanse stad Johannesburg. Het waren de hoogtijdagen van de apartheid en het jonge gezin De Jong, naast vader en moeder bestaande uit Geoffrey en zijn broertje, zagen de toekomst ten zuiden van de evenaar steeds minder zonnig tegemoet. "Mijn ouders vonden dat ik zonder die klets moest opgroeien", verklaart Geoffrey de uiteindelijke verhuizing naar Mierlo-Hout, nu onderdeel van de gemeente Helmond.

De familie, toen nog protestants, had in Zuid-Afrika banden met Indiërs, joden, moslims. Kortom, alle rangen, rassen en standen waren vertegenwoordigd in hun vriendenkring. Dat verklaart voor een deel ook de ruimdenkendheid en meelevendheid van de jonge priester. "We moesten bij het eten altijd rekening houden met de anderen; de hindoes mochten geen koeienvlees, de moslims geen varken, noem maar op", vertelt Geoffrey lachend.

Als hij de deur van zijn woning en uitvalsbasis, de Boxtelse pastorie op Duinendaal, opent en hij zijn bescheiden woonruimte laat zien, valt het oog van de verslaggever direct op de enorme boekenkast. Die is gevuld met Nederlandse, Duitse, Latijnse en Hebreeuwse literatuur. Dat de kapelaan boeken verslindt moge duidelijk zijn. "Ik heb zowat de hele bieb in Mierlo-Hout gelezen", grinnikt hij.

Pro Deo
De kapelaan is een vriendelijke verschijning, met zijn sportschoenen, kalende hoofd en een altijd rustige stem. Na zijn eerste jaren in Nederland, waarbij het gezin De Jong uit alle macht de taal en cultuur probeerde machtig te worden, ging de jonge Geoffrey naar het atheneum. Daar ontstond ook het idee om priester te worden. "Het geloof was een tijdje wat verwaterd binnen het gezin", verklaart hij zijn toenemende interesse ervoor. Een boek van Siddhartha Gautama, nota bene Boeddhist, trok hem uiteindelijk over de streep om zich te verdiepen in het Christelijke geloof. "Eerst hing ik het Anglicaans geloof aan, maar uiteindelijk kwam ik bij de Rooms-Katholieke kerk terecht", vertelt de kapelaan.

Een opleiding van zeven jaar, Geoffrey noemt het zelf zijn verlovingsperiode met God, voerde hem via de studie theologie in Tilburg naar de Grootseminarie in Roermond, de Norbertijnen in België en de priestersopleiding in Den Bosch. "Je kunt er dan voor kiezen om diaken te worden, waarbij je ook een vrouw en een gezin mag hebben. Ik koos voor het priesterschap", geeft hij aan. "Je werkt letterlijk pro-deo; voor God."

Op kamers
Toch is de kapelaan allesbehalve een stereotype priester. Hij is in het bezit van een moderne smartphone en welbespraakt, staat niet boven de mensen en houdt bovendien van sport, zo blijkt als het gesprek een andere wending neemt. "Mijn vader heeft nog op nationaal niveau hardgelopen ", vertelt hij. Zelf kijkt Geoffrey graag een potje rugby, of een mooie voetbalwedstrijd. Of hij dan zelf wel eens foetert op de scheidsrechter? Daarover laat hij zich niet uit.

Daarnaast heeft hij een tijd op kamers gewoond in Tilburg. Iets dat je ook niet direct in verband brengt met het leven van een priester. Verder wandelt, fietst en klimt de kapelaan graag. Maar zijn grote passie is toch echt de muziek en dan in het bijzonder het bespelen van de klarinet. En lezen natuurlijk, zo leerde al een blik op zijn imposante boekenkasten.

Maar waarom die keuze om je leven in het teken van God te stellen? Voor Geoffrey voelde dat heel natuurlijk, als een roeping. "Mijn broertje is vijf jaar jonger dan ik. Getrouwd bovendien. Hij is niet zo bewust bezig met het geloof als ik", vertelt Geoffrey, die inmiddels oom is. Zijn nichtje heeft hij overigens zelf gedoopt, vertelt hij trots. "Én ik zag mezelf niet vijftig jaar achter een bureau zitten, haha!"

Zwaar
Dat neemt niet weg dat de keuze voor het priesterschap hem soms zwaar valt: "Natuurlijk mis ik een gezin, het hebben van kinderen, wel eens. Maar daar staat tegenover dat ik ook kinderen mis die bijvoorbeeld verslaafd zijn, of andere problemen hebben", relativeert hij. Bovendien, "het gras is altijd groener aan de overkant."

Daarnaast overschatten we volgens Geoffrey de rol van seksualiteit in onze samenleving: "Laat ik er niet omheen draaien: seks is bijna dwangmatig geworden. Als een tiener wat later tot bloei komt dan met 18 jaar oud, dan is de gedachte: 'dat kan écht niet!'" Onzin, meent de kapelaan. "Mensen moeten zich op hun eigen manier kunnen ontwikkelen."

Zijn grote voorbeeld, moeder Teresa, had volgens hem nooit haar grootse daden kunnen uitvoeren als zij voor het gezinsleven had gekozen. "Zij hielp armen in de sloppenwijken van India. Dat had ze nooit kunnen doen als ze moeder was geworden. Niet dat die keuze minder of slechter is. Maar ze koos er in feite voor moeder te worden voor iedereen."

Zo probeert Geoffrey er ook voor iedereen te zijn. Dag én nacht. Want naast dat het heel veeleisend is, ervaart de geestelijke zijn roeping ook als heel mooi: "Je geeft eigenlijk je leven aan de liefde en het nabij zijn. Je deelt de mooiste momenten van mensen; trouwen, een kindje dat gedoopt wordt. Maar je staat ook aan iemands ziekbed, bezoekt mensen in het ziekenhuis en staat ze soms bij tot het moment dat ze het leven verlaten. Op die manier kun je heel veel voor mensen betekenen." Wel geldt dat het priesterschap een 24/7 roeping is, geeft Geoffrey aan: "Als iemand om 3 uur 's nachts overlijdt, dan bellen ze jou, en niet een diaken."

Voor iedereen
De jonge kapelaan wil er, zoals gezegd, voor iédereen zijn, niet enkel voor de religieuze medemens. Om dit te bereiken organiseert hij populaire missen die laagdrempelig en toegankelijk zijn. Hoewel er dan wel eens dingen gebeuren die een strenggelovige de wenkbrauwen laat fronsen, zoals het omstoten van een kaars, is het sleutelwoord voor De Jong 'respect'. "Een fotograaf stootte, in al zijn enthousiasme een devotiekaars om. Hoewel die heilig is, ga ik daar niet iedereen voor straffen door de mis niet meer door te laten gaan. Het was een ongeluk", oordeelt De Jong.

En zo komt het dat bijvoorbeeld de carnavalsmis in de Sint Jans Onthoofding Kerk bij vele Liempdenaren in de agenda staat. En wat te denken van de mis met de kermis, waarbij de kapelaan zijn toehoorders in de botsauto's toespreekt?

Is de kapelaan dan niets te gek? Jawel: "Je moet de kerk, als heilige plek, niet schofferen. Ik ben niet modern in de zin van alles moet maar kunnen, maar wel eigentijds. De kerk moet een open, warme plek zijn waar mensen zich welkom voelen." Voor sommige gelegenheden wordt dan ook het tabernakel uit de kerk gehaald, zoals een optreden van een jazz-ensemble. "Het tabernakel is het allerheiligste in de kerk. En hoewel het voor sommigen niets betekent, betekent het voor mij alles", geeft Geoffrey de waarde van het heiligdom aan.

Het is volgens hem van belang vooral met respect naar elkaar te blijven kijken. "Ik geef niet-kerkelijke mensen het vertrouwen en de ruimte en daarom gaan ze, zo geloof ik, respectvol met mij en de kerk om." De Heilig Hartparochie is volgens De Jong wat dat betreft een prettige omgeving om zijn werk in uit te voeren, in een ons kent ons cultuur.

Ferrari
Over de toekomst van de kerk is de kapelaan, ondanks de krimp van de kerkelijke gemeenschap, positief. "Vooral in steden zie je een nieuwe generatie opstaan die op zoek is naar zingeving", constateert Geoffrey. Hij ziet daarom vooral de conservatieve, geïnstitutionaliseerde kerk veranderen. "We zitten wat dat betreft in een moeilijke overgangsperiode en de manier waarop we priester zijn zal wellicht moeten veranderen. Dat betekent dat we misschien wel afstand zullen moeten doen van ons bezit", legt hij uit. "Bijna alle gelden verdampen en parochies gaan failliet. Maar dat hoeft ook helemaal niet erg te zijn", vervolgt hij met glunderende ogen. "Wellicht moet de kerk meer worden zoals Jezus hem had bedoeld: sober, waarbij priesters wellicht geen vaste verblijfplaats hebben. En laten we eerlijk zijn: wie een Ferrari wil rijden, moet geen priester worden."

Dit verhaal verscheen eerder in de kersteditie van DeMooiBoxtelKrant op 20 december

Meer berichten
<SCRIPT SRC="//secure.adnxs.com/ttj?id=&cb=[CACHEBUSTER]&referrer=mooiboxtel.nl&pubclick=[INSERT_CLICK_TAG]&postcode=528,529" TYPE="text/javascript"></SCRIPT>
<SCRIPT SRC="//secure.adnxs.com/ttj?id=6037574&size=160x600&promo_sizes=120x600&cb=[CACHEBUSTER]&promo_alignment=center&referrer=mooiboxtel.nl&pubclick=[INSERT_CLICK_TAG]&postcode=528,529" TYPE="text/javascript"></SCRIPT>
 
<SCRIPT SRC="//secure.adnxs.com/ttj?id=6037573&cb=[CACHEBUSTER]&referrer=mooiboxtel.nl&pubclick=[INSERT_CLICK_TAG]&postcode=528,529" TYPE="text/javascript"></SCRIPT>